Posts tonen met het label -25000/-7000 DE RELIGIE VAN DE GROTE MOEDER 500. Alle posts tonen
Posts tonen met het label -25000/-7000 DE RELIGIE VAN DE GROTE MOEDER 500. Alle posts tonen

dinsdag 5 februari 2008

+ 500. DEFINITIEVE INEENSTORTING VAN DE VROUWELIJKE DOMINANTIE

Met de omkering van de waarden, die ten slotte door joden en christenen werd voltooid, was het voortaan niet meer ‘Gelijk op aarde, zo ook in de hemel’, maar ‘Gelijk in de hemel, zo ook op de aarde’. Uit de hemel kwamen de Tien Geboden, die een nieuw ‘soort’ seksualiteit en vaste begrippen van eigendom schiepen; uit de hemel kwamen alle voorstellingen van de nieuwe God - de Heer. En ten slotte kwam niet alleen het nieuwe verbond met die Heer van boven, maar ook he offer. Het was niet meer de mens die om ze te zeggen van beneden af offerde aan de godheid; op dat keerpunt in de geschiedenis ws het de God die zijn eerstgeboren zoon aan de mensheid offerde. Men kan dit tegenwoordig op verschillende wijzen beschouwen: als herziening van oude ideeën die met de definitieve ineenstorting van de vrouwelijke dominantie ‘in de hemel en op aarde’ gepaard ging; het kan ook toeval, of een latere interpretatie van de gebeurtenis op Golgotha zijn geweest.
***Bron 9: blz. 62***

? ZÉÉR OUDE MATRIARCHALE SAMENLEVINGEN 0??

De laatste uren van de grote door godinnen gedomineerde religies van het Nabije Oosten.
In Palestina aan het begin van onze jaartelling werd niet alleen een Messias geboren, Het was tevens het beginpunt voor een nieuwe ethiek en een nieuwe moraal. Tevens waren de laatste uren van de grote door godinnen gedomineerde religies van het Nabije Oosten, de laatste stuptrekkingen van zéér oude matriarchale samenlevingen.
In de tijd van Maria Magdalena werd de definietieve streep getrokken onder een duizenden jaren oud gevecht van het mannelijk monotheisme tegen de vruchtbaarheidreligies van de grote godinnen van Babylon, Egypte, Ur, Kanaän, Klein-Azië en Griekenland. Teven werden de rechten van vrouwen drastisch beknot, en de seksualiteit kreeg een nieuwe betekenis.
Zou het niet eerder de Islam geweest zijn die de matriarchale samenlevingen heeft beeindigd?
Welke Matrirchale religies waren dat?
***Bron 9: blz. 77***

? ZÉÉR OUDE MATRIARCHALE SAMENLEVINGEN 0??

De laatste uren van de grote door godinnen gedomineerde religies van het Nabije Oosten.
In Palestina aan het begin van onze jaartelling werd niet alleen een Messias geboren, Het was tevens het beginpunt voor een nieuwe ethiek en een nieuwe moraal. Tevens waren de laatste uren van de grote door godinnen gedomineerde religies van het Nabije Oosten, de laatste stuptrekkingen van zéér oude matriarchale samenlevingen.
In de tijd van Maria Magdalena werd de definietieve streep getrokken onder een duizenden jaren oud gevecht van het mannelijk monotheisme tegen de vruchtbaarheidreligies van de grote godinnen van Babylon, Egypte, Ur, Kanaän, Klein-Azië en Griekenland. Teven werden de rechten van vrouwen drastisch beknot, en de seksualiteit kreeg een nieuwe betekenis.
Zou het niet eerder de Islam geweest zijn die de matriarchale samenlevingen heeft beeindigd?
Welke Matrirchale religies waren dat?
***Bron 9: blz. 77***

+ -200 DE GROTE MOEDER KYBELE

Rome had al twee eeuwen voor onze tijdrekening als eerste ‘vreemde ‘ godhed uit Phrygië de zwarte steen geïmporteerd die de Grote Moeder Kybele symboliseerde, wier eredienst in de loop van eeuwen uitgroeide tot een massale cultus met oosterse praal en uitspattingen. Anderzijds kende diezelfde godsverering het taurobolium, de dompeling van de priester in het bloed van de offerstier: een plaats vervangende handeling die tot reiniging en verlossing van de gelovigen moest leiden... De maartse feesten voor Kybele waren op zichzelf een dramatisch gebeuren. Zij berichtten dood en opstanding van Attis, zoon en geliefde van de Moedergodin-een in de oosterse godsdienstene terugkeren motief.

Een heilige bruiloft

Een heilige bruiloft
Een leerling van C.G. Jung, Esther Harding, beschrijft een deel van de riten waar ons huidige begrip ‘bruiloft’ op teruggaat, in haar boek ‘Vrouwenmysteries toen en nu: ‘Om de waarheid, dat God in de verbinding van mannelijk en vrouwelijk manifest en werkzaamis, te symboliseren, offerden vrouwen bij hun initiatie in de mysteriën van de Grote Godin hun maagdelijkheid in de tempel doordat ze ingingen op een “hieros gamos”, een heilige bruiloft, waarbij de de fallische kracht van de god ofwel door de priester of door het beeld van de fallus zelf of door een of andere vreemdeling die de nacht in het tempelcomplex door wilde brengen veregenwoorigd werd.’
Zoals wij de Maangodin ook nu nog symbolisch tegenkomen als wij opzien naar een Mariabeeld dat op een maansikkel zweeft, werd ook dat zeer oude gebruik van het ‘recht van de eerste nacht’ nog lange tijd door vorstenen edelen uitgeoefend.
De eigenlijke ‘bruiloft’ echter vond plaats in heet binnenste van de tempel, op de top van de tempelgebouwen, als de konngin of de hogepriesteres als plaatsbekleedster van de godin in de hemel zich met haar minnaar verenigde. De heilige bruiloft was een geschenk aan de heerseres in de hemel en tevens aan de vruchtbaarheid van de aarde. Lange tijd zou volgen wat men er nu over wee de minnaar van de koningin voor die vruchtbaarheid gestorven zijn. Aansluitend bij de oude gedachte aan de plant die moet sterven om nieuw zaad voortt te brengen moet ook na de ‘hieros gamos’ het verwekkend principe sterven, om dan later als jeugdige minnaar weer ter wereld te komen. De eeuwige kringloop van worden en vergaan vond in de tempel zijn climax, als de koning, die in later tijd een jonge god werd, geofferd werd. De gebruiken ddarbiij waren zeer onderscheiden. Onder andere zou daarbij het getal zeven tot heiligheid zijn gekomen, omdat de koning tijdens de zevende volle maan na de korste dag van het jaar werd geofferd. Dergelijke nauwkeurige berekeningen laten zien hoezeer de mens het offer van de natuur serieus nam - opdat deze er door weelderige vruchtbaarheid voor zou bedanken.
Een sprekende aanwijzing van zulke ons soms toch wel onbegrijpelijk voorkomende gebruken is de sage van de Egyptische Osiris, wiens lijk in stukken werd gehakt. In de vroegste tijden zou men mogelijk inderdaad bij midzomer de beenderen van de geofferde koning over de akkers uitgestrooid kunnen hebben, maar hoe vaker men met het neuwe jaar de wedergeboorte vn de koning in een jeugdige opvolger vierde, en hoe verder de tijd voortschreed, hoe meer ook in de positie van de te offeren man geleidelijk aan verbetering kwam. Terwijl bij het begin van elk nieuw jaar ook nieuwe minnaars voor de koningin gekozen werden, wordt hij later tot zoon én minnaar, die moet sterven om daarna terug te keren, en als zodanig zien wij hem op de schoot van vele godinnen en niet op de laatste plaats van de Pietà.
In haar boek Dawn of het Gods beschrijft Jacquetta Hawkens de metgezel van de Kretenzische godin: ‘Ze gaat vergezeld van een jonge mannelijke godheid, een Jaargeest, die haar minnaar én haar kind is, die sterft en weer verrijst - het is de Kretenzische versie van Adonis.’ In de loop van de tijd ontstonden uit de minnaars in de mythe goden, en langzamerhand kregen ze ook namen, die nog weer later de ons bekende woorschristelijke goden werden. Weldra werden ook de koninen, die in de riten steeds de positie van godheid hadden, niet meer feitelijk geofferd. ‘Reeds in het oude Babylon was dat gebruik n zoverrremilder geworden, dat de koning ijdens het Nieuwjaarsfeest in de tempel alleen ontkleed, vernederd en geslagen werd, terwijl op het marktplein een remplaçant, die met alle luister ceremonieel op de ttroon gezet was, met de strop gedood werd,’ beschrijft Leo Frobenius in zijn boek ‘The Chikhood of Man’ dat oude gebruik.
***Bron 9: blz. 86/87***

Godinnen van de maan

Al heel spoedig kan de mens de veranderingen van de maan, haar schijngestalten, met de fasen van het vrouwelijk leven zijn gaan vergelijken.Maar de maan was niet alleen een symbool voor de maagd, de zwangere moeder en de oude vrouw, ze was ook een bestendige herinnering aan het ‘sterf en word’, he grootste geheim van de mens. Daarom werd ze al heel spoedig beschouwd als het fenomeen dat de vruchtbaarheid van de natuur en ook van de mens beînvloedde- en niet ten onrechte zoals nu de wetenschap aantoont... Alle vruchtbaarheidsgodinnen waren op de eerste plaats godinnen van de maan, en in hun tempels bracht men hulde aan de door de maan geschonken vruchtbaarheid. Hoogtepunt van deze huldigingen waren in de ijden van de vrouwelijke tempels heilige erotische gebruiken. Daar waren, en zijn nog, veel raadselen omheen. Het uitgangsidee was echter, globaal gesproken, da zich bij de verenigng van man en vrouw goddelijke kracht op aarde manifesteert en energieën worden vijgemaakt die weer de algemene vruchtbaarheid dienen.
***Bron 9: blz. 86***

Het offer

Om ook maar bij benadering te begrijpen waar de moderne verstand niet aan wil, hoewel het feitelijk op duizenden altaren rondom de wereld wordt nabeleefd, neemt men het beste maar weer het eenvoudige voorbeeld van de zaadkorrel. Met behulp daarvan ontdekten mensen lang geleden hoe groeien, bloeien en rijpen functioneren. Later vergeleek men het mannelijke als schenker van het vruchtbare zaad met de natuur: uit de korrel ontstond de aar; de plant zelf echter moest in de herfst verwelken en afsterven, opdat in de lente nieuw zaad gezaaid kon worden. Dat offer, dat de natuur onophoudelijk brengt voor nieuwe wording, is door de mensen blijkbaar nooit geringgeschat. ‘De religie van de mensen van de Oude Steentijd werd zichtbaar duidelijk in het offer,’...
***Bron 9: blz. 85***

De seksuele vrijmoedigheid van oude uitbeeldingen

Moderne archeologen hebben zich langdurig verbaasd over de seksuele vrijmoedigheid van oude uitbeeldingen in het Nabije en Midden-Oosten. Deze wordt echter geheel en al begrijpelijk als wij ons eens in die tijd proberen in te leven toen alles afhankelijk was van vruchtbaarheid. In een dergelijk tijdsgewricht was de gesclachtsdaad iets heiligs, en als zodanig trad hij later ook in de tempels in: van Kanaän tot in Anatolië, Sumerië en Babylon leefden n de tempels als ‘heiligen’ beschouwde vrouwen, die hun godinnen onder de onderscheidenste namen als schutspatronessen van de seksuele liefde vereerden en met de tempelbezoekers selsuele omgang hadden. In latere tijden kregen deze heilige vrouwen de naam van tempelhoeren, en kon men natuurlijk ook de zin van het offer, vooral de mogelijkheid van feitelijke mensenoffering, niet begrijpen.
***Bron 9: blz. 84***

Het spiegelbeeld van vrouwelijke vruchtbaarheid op aarde

Deze vrouwelijke God, het spiegelbeeld van vrouwelijke vruchtbaarheid op aarde, komen wij in de oudste nog heel eenvoudige vruchtbaarheidsgodinnen evenzeer tegen als in de hoogontwikkelde religies van het Nabije Oosten.
Tegenwoordig kennen wij hen onder namen als Isis, Astarte, Demeter, Cybele, of Inarna en brengen hen meestal in verband met een mannelijke godheid; maar haar oorsprong grijpt ver terug tot in de tijden toen in de hemel nog geen mannelijke wezens waren.
***Bron 9: blz. 83/84***

Vijandigheid tegenover seksualiteit

...Zoals de vijandigheid tegenover seksualiteit bij de joden en christenen na hen zeer veel met de openlijke seksualiteit van de tijd van de godin te maken heeft...
***Bron 9: blz. 83***

Het mysterie van de geboorte, leven en dood

Het mysterie van de geboorte, Leven en dood
Het grootste geheim van het toenmalige leven was stellig het mysterie van de geboorte, Leven en dood, groeien en vergaan waren de raadselen waarmee de mensen zich bezighielden. De sleutel tot dat raadsel was de vrouw. Zij was de drager van levenen de telkens hernieuwde hoop op weer nieuw leven. Reeds in de Oude Steentijd gaf men de doden kaurischelpen mee, die als evenbeeld van de vulva de hoop op wedergeboorte symboliseerden.
***Bron 9: blz. 81***

De sexualiteit van de priesteressen

In de tijden van het matriarchaat en in die van de onderscheidene hemelgodinnen waren zij geen zondaressen en mogelijke hoeren geweest, maar heilige vrouwen. In de tempels van de Grote Moeder werd de seksualiteit van de priesteressen als geheiiligd beschouwd, als en verbinding met de schepping. In de tempels van de daaropvolgende God verwerd de seksualiteit tot dé zonde en de profeten van Jahweh konden maar niet genoeg tegen de schandelijke misdragingen zlfs in eigenrijen tekeergaan: ‘Gij moet een ontuchtige vrouw huwen en kinderen bij haar verwekken, want werkelijk, het land loopt door zijn ontucht van Jahweh weg.’ (Hos. 1:2)
***Bron 9: blz. 79/80***

MOEDERRECHTELIJKE SAMENLEVINGEN

God der Vaderen van jodendom en christendom is echter alleen te begrijpen als wij nog een stap verder in de geschiedenis teruggaan - tot de religie van de Grote Moeder. De Anglo-Amerikaanse schrijfster Merlin Stone wijst in haar boek over de geschiedenis van de oerreligies, dat de veelzeggende titel heeft ‘Als God een vrouw was’, telkens weer op de invloed van de vroegste historische tijden op ons denken. Hoe sterk die invloed althans nog tot de tijden van Maria Magdlena geweest moet zijn, kan men vermoeden als men zich om te beginnen alleen aan de chronologie houdt. ‘De Grote Godin - de Godelijke voorzate - werd sinds het begin van de neolithische tijd omstreeks 7000 v.C. tot de sluiting van de laatste godinnentempels omstreeks 500 n.C. aanbeden. Enkele onderzoekers zijn zelfs geneigd de aanbidding van de godin tot het laat-Paleolihicum tot omstreeks 25 000 v.C. terug te schuiven. Daarentegen geschieden de gebeurtenissen van de bijbel, waarvan wij over het algemeen nog denkendat zij “aan het begin van de tijd” plaatsvonden, in werkelijkheid n tijdperken van de geschiedenis.’... Intussen wijzen resultaten van onderzoek in tal van disciplines erop dat in de beginperiodes van Egypte, Griekenland, Klein-Azië maar ook Tibet, India en Centraal-Azië moederrechtelijke samenlevingen bestonden. De goden die men uit de oudste tijden van onze geschiedenis opgroef waren godinnen. Hun invloed deed zich tot ver in de tijden van de nieuwe mannenreligies gelden.
Zo werd de Cybele-cultus nog in het Rome van het jaar 268 met processies gevierd, en apostel Paulus klaagde telkens over de aanbidding van deze godin in Anatolië en vervloekte de ‘lust van de bevlekkende hartstocht’.
***Bron 9: blz. 79/80***


Aanvulling
In de neolithische stad Çatal Hüyük werd een groot aantal beeldjes van rondborstige vrouwen aangetroffen, die sterk doen denken aan de mensfiguren van klei die de Cro-Magnon-jagers maakten. Het betreft uitbeeldingen van vruchtbaarheidsfiguren of moedergodinnen. Enkele van hen waren duidelijk zwanger. Dat allemaal wees volgens Mellaart op een religieus gebruik van de ruimtes. In de rituele die er werden opgevoerd stonden de jacht en de vruchtbaarheid blijkbaar centraal. Het ging steeds om afbeeldingen van vrouwenfiguren in diverse standen en voorzien van diverse attributen.